


In Nederland heeft bijna elk huis aansluiting op het aardgas. Een brandstof waarmee de cv ketel prima overweg kan. Een gasaansluiting is hier een van de standaard cv ketel onderdelen. Er zijn ook cv ketels die gestookt worden op olie of op hout. Voor boerderijen of huizen die in het buitengebied liggen.
Om warmwater te kunnen maken heeft de cv ketel een brander die aardgas verbrandt. De brander wordt gemaakt van keramisch materiaal of van roestvrij staal. Een brander wordt op den duur vuil. Regelmatig onderhoud is daarom belangrijk.
Een ontsteker laat de brander branden. Vroeger zorgde een waakvlam daarvoor. Bij een nieuwe cv ketel gaat dat elektronisch. De ontsteker geeft een vonkje of gaat gloeien om het gas aan te steken.
De cv ketel heeft ook een ventilator. Die voert lucht aan voor de verbranding van gas. De ventilator voert ook afvoergassen via de schoorsteen naar buiten. Let er goed op dat de ventilator van je nieuwe cv ketel stil is. Zeker in de buurt van een slaapplaats.
De warmte van de brander wordt afgegeven aan een warmtewisselaar. Dit is een van de belangrijkste cv ketel onderdelen. Het is een stelsel van buizen waar water doorheen loopt. De warmte van de verbranding van gas wordt gebruikt voor de verwarming van het water. Voor deze cv ketel onderdelen wordt aluminium, aluminium silicium of roestvrij staal gebruikt.
Het warmwater wordt door de leidingen naar de radiatoren gepompt. In een cv ketel zit daarom een pomp. Veel gebruikte cv ketel onderdelen in nieuwe cv ketels zijn ‘modulerende’ pompen. Zo’n pomp gaat hard werken als je veel warmte vraagt en langzamer werken als de vraag naar warmte lager is. Zo’n pomp bespaart elektriciteit en geeft minder ruis in de leidingen.
Er moet een bepaalde hoeveelheid water in het systeem zitten: voldoende waterdruk. Die druk kun je aflezen op de waterdrukmeter of manometer. Of op een display. Zo weet je of er voldoende water in je cv systeem zit. En of je dus moet bijvullen. Bij moderne ketels kun je de waterdruk uitlezen op je kamerthermostaat.
Al deze onderdelen zitten in de kast ofwel mantel van de cv ketel. Hoe beter die mantel is geïsoleerd, des te minder geluid je hoort van je cv ketel.
Met de kamerthermostaat kun je het cv systeem aansturen. De thermostaat moet je er vaak apart bijkopen. Wil je alle mogelijkheden van je nieuwe cv ketel gebruiken, dan is het soms noodzakelijk om een thermostaat te kopen van hetzelfde merk als de ketel. De meeste typen cv ketels werken ook met andere thermostaten.
Met de eenvoudigste thermostaat kun je alleen de temperatuur hoger en lager zetten. Er zijn ook programmeerbare thermostaten. Je stelt dan vooraf de tijden in waarop je een bepaalde temperatuur wilt hebben.
Als je een nieuwe cv ketel zoekt, is het handig om te weten wat voor aansluitingen er nodig zijn.
Om uw cv-ketel bij te vullen en ontluchten volg onderstaande stappen:
1. Zet de kamerthermostaat of ketelthermostaat op de laagste stand (temperatuur omlaag).
2. Trek de stekker van uw Cv-ketel uit het stopcontact.
3. Sluit de vulslang aan op de kraan bij de Cv-ketel. Vul de slang met water zodat er geen lucht meer in zit.
4. Sluit de vulslang aan op de vulkraan van de Cv-ketel.
5. Ze de kraan waar de vulslang op aangesloten is open.
6. Kijk op de display van uw Cv-ketel en vul deze bij tot ongeveer 2bar.
7. Sluit de vulkraan van de Cv-ketel.
8. Sluit de kraan en koppel de vulslang los.
9. Stop de stekker van uw Cv-ketel weer in het stopcontact.
10. Ze de kamerthermostaat of ketelthermostaat op de gewenste stand.
11. Sluit de radiatorkraan (rechtsom draaien).
12. Draai met het ontluchtingssleuteltje het ontluchtingsventiel open (linksom)
13. Als er alleen nog water uit komt draait u het ontluchtingsventiel dicht (rechtsom).
14. Draai de radiatorkraan weer open (linksom).
Een hoogrendementsketel is een cv-ketel (voor ruimteverwarming) of combiketel (voor ruimteverwarming en warm water) die gas efficiënt omzet in warmte en daardoor zuinig is met energie.
Bij het verbranden van aardgas ontstaat in de ketel waterdamp. In een gewone ketel verdwijnt de waterdamp via een afvoerpijp. Een hr-ketel benut warmte van de waterdamp voor het verwarmen van water of lucht voor de centrale verwarming. Hr-(combi)ketels zijn in veel verschillende modellen leverbaar. De ketels met het hoogste rendement zijn te herkennen aan het Gaskeur HR-107-label. Als de ketel naast een hoog rendement voor de ruimteverwarming ook een hoog rendement heeft op de warmwatervoorziening, dan heeft de ketel het Gaskeur HRww-label.
Een hoogrendementsketel met een Gaskeur HR-107-label bespaart gemiddeld 220 m3 gas en 390 kg CO2 per jaar ten opzichte van een Gaskeur basislabel cv-ketel (ook verbeterd rendementketel genoemd) en zelfs 337 m3 gas per jaar ten opzichte van een conventionele cv-ketel. Dit bespaart 600 kg CO2.
In onderstaande tabel en grafieken is uitgegaan van een gemiddelde CO2-reductie per hr-ketel van 600 kg CO2 per jaar omdat veelal de conventionele cv-ketels vervangen worden.
Bij een gasprijs van 57 eurocent bespaart een hoogrendementsketel met Gaskeur HR-107-label ten opzichte van een conventionele cv-ketel 190 euro per jaar.
Als u de thermostaat een graad lager zet, bespaart u 7% op uw gasverbruik voor ruimteverwarming. Gemiddeld wordt 1290 m3 gas gebruikt voor ruimteverwarming. De thermostaat een graadje lager bespaart dan 90 m3 gas en 50 euro per jaar.
De tabel geeft aan hoeveel Watt er per m3 nodig is om een vertrek te verwarmen. Maar een berekening op basis van de inhoud van een vertrek alleen is niet juist. Het te installeren vermogen wordt namelijk ook bepaald door de totale oppervlakte van wanden, ramen, deuren, enz., die de isolatiewaarde in negatieve zin beïnvloeden.
Van een klein vertrek is het afkoelende oppervlak groter in verhouding tot de inhoud in m3 dan van een groot vertrek. Daarom moet in een klein vertrek per m3 meer vermogen (Watt) worden geïnstalleerd, dan in een groot vertrek. In de tabel is om deze reden een splitsing gemaakt tussen kleine, middelgrote en grote ruimten. Om een ruimte goed te kunnen verwarmen moet u over voldoende vermogen beschikken. Het is aan te bevelen om ten aanzien van het berekende aantal benodigde Watt een geringe overcapaciteit aan te houden. Zo kunt u zelfs in uitzonderlijk koude situaties de ruimte op de door u gewenste temperatuur houden. In normale situaties zorgt de thermostaat ervoor dat er niet meer stroom wordt verbruikt dan nodig is. Daarnaast is het beter om de benodigde capaciteit te verdelen over een aantal kleinere radiatoren – die over de ruimte kunnen worden verdeeld – dan te kiezen voor één grote radiator met de benodigde capaciteit. De cijfers in de tabel gelden als hoofdverwarming voor vertrekken die voorzien zijn van een gangbare isolatie, bij een buitentemperatuur van -10 ºC en een binnentemperatuur van 20 ºC (temperatuurinterval 30 ºC).
Een rekenvoorbeeld
Neem een woonkamer met een afmeting van 4x3x2,5 m op de begane grond in een huis met twee verdiepingen. De inhoud is 30 m3. Als het vertrek maar één buitenmuur heeft is een vermogen van 30x70=2100 Watt voldoende. We installeren één radiator van 2000 Watt, liefst onder een raam als dat aanwezig is om zo de kouval te compenseren. Of we installeren twee radiatoren van 1000 Watt verdeeld over de ruimte. Voor slaapkamers, of indien uitsluitend gebruikt als overgangsverwarming in voor- en najaar, kan worden volstaan met de helft van het in de tabel geadviseerde vermogen. Voor bijverwarming is doorgaans 1500 Watt onder het raam (warmtegordijn) voldoende. Een betere isolatie, bijvoorbeeld door het toepassen van hoog rendementsbeglazing, kan een aanzienlijke besparing betekenen op het te installeren vermogen en het stroomverbruik.
Vertrekken met 1 buitenmuur
Vertrekken met 2 buitenmuren
Vertrekken met 3 buitenmuren of met zeer grote glasoppervlakken
|
Gangen, trappenhuizen: 40 Watt per m2 is hier meestal ruim voldoende
Badkamers: als voor een normaal vertrek, met een toeslag van 20%
Vergaderzalen: als voor een normaal vertrek, verminderd met 15%
Deze tabellen zijn bedoeld voor:
Installaties met directe verwarming, in vertrekken die niet voorzien zijn van speciale warmte-locatie
Voor verwarming van vertrekken, die grenzen aan niet verwarmde ruimten
Algemene informatie over zonneboilers is te vinden op de website van het Projectbureau Duurzame Energie en in de SenterNovem publicaties 'Warm water van
de zon' en de 'Leidraad zonneboilers'.Een zonneboilersysteem verzorgt op een duurzame wijze het warme tapwater. Er zijn systemen tevens bijdragen in de ruimteverwarming, in combinatie met een lage-temperatuur afgifte systeem (vloer- of wandverwarming, grote radiatoren).Sensoren zijn aangebracht in het voorraadvat en op de collector. Als de collector heter is dan het voorraadvat, dan start de pomp en circuleert de collectorvloeistof. Bij dreigende oververhitting of bevriezing stopt de pomp en stroomt de collectorvloeistof in een leegloopvat.De collectorvloeistof verwarmt het leidingwater in een opslagvat op zolder. Het leidingwater uit het voorraadvat wordt op weg naar de kraan door een naverwarmer (meestal een cv-ketel, ook geiser of warmtepomp) op de juiste temperatuur gebracht. Op de CD 'Warm water van de zon' is een animatie van het principe te zien.De zonnecollector ligt op het dak en vangt zonlicht op. De vloeistof die door de collector stroomt, wordt door het zonlicht verwarmd en kan bij fel zonlicht wel 90°C worden.Hoe werkt een zonneboiler?